Citroen ID 19 C 1960

  • 14-12-1960
  • blauw met aubergine dak
  • blauwe stof
  • ongerestaureerd, maar wel overgespoten.
  • ch. nr. 8o14979
  • ED 07 10 (origineel NL)
  • niet in mijn bezit. op dit moment in bezit van Geert Jonker.

2012.

Wat een scheetje. Jammer dat de portemonnee leeg is nu er net zo’n toppertje voor weinig voorbij schiet. Staat bij Dan van Auto Renaissance.

De exacte geschiedenis ken ik niet, maar volgens Dan is de auto in de jaren tachtig door de vorige eigenaar gekocht. Die heeft dr laten spuiten en heeft er in het begin tijdens de studie mee gereden. De eigenaar wilde een ‘echte’ ds, dus liet ie er eentje bouwen bij Dan. De auto heeft in de tijd van Dan een ander interieur gekregen, want bij het inruilen in het najaar van 2011 zat er een zwart skai toverinterieur in. Van Peter Schuring is het bijna correcte blauwe interieur gekomen en er door A.R. netjes ingetimmerd.

Waarom zou ik  nu in hemelsnaam een auto van Dan op mijn website zetten? Nu ja, omdat de auto nog niet echt bekend was volgens mij in het circuit, omdat ik dr erg leuk vind en omdat het een van de weinig echt origineel in Nederland geleverde ID’s is. In Belgie geassembleerd met vele rare afwijkende details. Oh, ja, en ik heb op dit moment toch geen zak te doen, en dan is dit een leuk tijdvullertje.

De ID van voren. De lak is nog erg netjes, maar helaas breekt hier en daar een beetje de plamuur los. Niks  aan doen; gewoon binnen zetten. Let op de grote export -wieldoppen.

De dame van achteren. Met de oude apk-stickers, een vergeelde NL plaat en een ozo practisch mistachterlicht.

De korte achterschermen, de kleine reflector en het iets te grote stadslichtlampje.

De deurklink  is nog iets anders van vorm dan later en zonder chroom.

De export had een chroomstalen daklijst, en ook het wasbordje is van de DS. Het scharnier echter weer van aluminium.

De achterklep wordt omhoog gehouden door een stokkie.

In de a- stijl zit normaliter een schakelaar voor de binnenverlichting. Hier  een dopje vanwege de sobere uitvoering.

De rode schakelaar achter het witte stuur is van het model ‘JulesdeKorte’. Voor het mistachterlicht hoogstwaarschijnlijk. In dit model zit nog geen ra-schakelaar aan de linkerzijde. Het is min of meer een overgangsdashboard; de 12 volt installatie is alleen in de export geleverd tussen juni en september 1960. Ervoor was er in Europa alleen 6 volt op de ID berline, hierna veranderde het dashboard naar het type met uniforme zwart/ koperen knoppen. Kortom, het wagentje is gebouwd tussen juni en september 1960, behalve als iemand de installatie minutieus heeft omgebouwd van 6 naar 12 volt.Opvallend is de zwarte tellerunit met de temperatuurmeter. Alleen standaard bij de export, meen ik. Geen dagteller, zoals bij de latere exportmodellen.

De kraan heeft een metamorfose gekregen. Het achterplaatje is van later en de asbak is verdwenen. Wat er precies gebeurt is, is onduidelijk. De kachelunit onder de kap ziet er origineel uit, maar de kraan hierboven lijkt later te zijn geplaatst. Wat ook maar kort geweest is, is de bijzondere gaspedaal. Het enige ID model met een kabeltje en rol aan de carburateur.

Zeer opvallend verschil met de Franse montage is de afwijkende dakrandbekleding. Ook de c stijlbekleding is anders. Grappig is ook het eend-b-stijl lampekapje met de uitsparing die bij de eend bedoelt is voor een schakelaartje. Zit op de foto op zijn kop…

Zelfs de hoedenplankbekleding is van een andere makelij.

De dorpelbekleding is wel weer hetzelfde als de Franse productie. Of deze recent geplaatste stoelen kloppen, waag ik te betwijfelen, maar er is precies één maand geweest, juni 1960, dat het  zo geleverd is. Dus het zou kunnen.

De in Belgie geassembleerde ID tjes hebben een langwerpig plaatje met in dit bouwjaar nog het jaartal erop vermeld. Deze zit met klinknagels vast. Voor zover ik weet heeft alleen de export berline de code C meegegeven aan de ID’s. In Frankrijk kregen de ID’s de P er achter en na 66 nog een paar jaar B.

De slagletters lijken van een ander type te zijn als de Franse productie. En ik kan het weten…

Let op de beschermrand op de goot. Ook anders. Het aanslagrubber en de aparte wisserarmen (Marchal) horen bij de eerste jaren.

Een paar jaar werden de ruitenwisservaten in glas uitgevoerd.

De kachel met ijzeren huis. Alleen voor de eerste neus als optie. Het rammelt qua originaliteit op het moment dat je de bijbehorende kraan ziet. Toch is het helemaal ID eerste neus. Kortom, ik weet het ook niet. Ives misschien??

Mooie dop. Monograde SAE 20 ‘arctic’. Vind het nog maar, de olie.

Let op de ene aansluiting aan de bovenzijde van het roestige vat. Das voor de rem. Dit type heeft een gescheiden enkelkringsremsysteem a la ‘Lockheed’, maar wel met een noodvoorziening voor als de vloeistof op is. Als je door de rem heen trapte, kreeg je remdruk van de veerbollen achter. Om een of andere reden vond men het nodig een koppeling te maken van het grote voorraadvat naar het kleinere remreservoirtje.  Zo kon wel hetzelfde voorraadvat op de id als op de ds zit.

Deze carburateur ziet er uit alsof het een imi is. Hij glimt nog.

Na meerdere malen likkebaardend rond de dame te hebben gelopen, ben ik verkocht. Er moet al met al een hoop aan worden gefatsoeneerd en misschien zelfs een beetje aan geknetterd worden, maar wat wil je met een origineel Nederlandse auto van 1960. Wat de auto echt de moeite waard maakt is dat ie zo lekker onverprutst is. Dan maar die paar kilo roest en plamuur er bij; das beter dan een 23 5 bak als je de motorkap open trekt.  Nu maar hopen dat Dan een begripvolle nieuwe eigenaar er voor vindt.

2013.

Ondertussen is de auto in bezit gekomen van Geert Jonker uit Apeldoorn, vele wel bekend. Na een omzwerving in Den Haag bij ik meen een begrafenisondernemer, die de auto in 2012 van Dan overnam, is de auto ondertussen vanaf maart in het Gelderse te bewonderen. Geert is bezig geweest met de  details, zoals de kachelkraan. Ik heb al een paar foto’s van m gekregen, voornamelijk van de buitenzijde, en misschien krijg ik nog wat foto’s van de binnenkant tzt. Hij stuurde me ook een fotootje door  van Yves Frelon met een wel heel speciaal reflectortje;

Reflector 1959 Belgische assemblage

Hieronder het uitgangspunt voor de herstelwerkzaamheden:

OLYMPUS DIGITAL CAMERA En, jawel, eindelijk mooie foto’s in een fatsoenlijke omgeving. Beter dan zo’n troosteloos industrieterrein als bij Dan;

SAM_1967

SAM_1969SAM_1973

SAM_1975

Veel plezier met deze topper, Geert.

@: citroen: catalogue des pieces detachees-ID19 : avril 1964

 

 

 

 

 

3 reacties op Citroen ID 19 C 1960

  1. chris bronkhorst schreef:

    Dag Daniël,

    Hoe komt deze lichtblauwe dame aan korte achterschermen terwijl ze van december 1960 is en de schermen er (zoals op de mijne van maart 1959) tot sept. 1959 zijn gemonteerd. Is daar iets meer over bekend? Raadselachtig is het nl. wel!

    Ben benieuwd. Misschien is het gewoon een achtergebleven exemplaar dat om een of andere reden weliswaar voor sept. 1959 is gefabriceerd maar pas in december 1960 voor het eerst op kenteken gezet.

    Groet, Chris

    • daniel schreef:

      Hallo Chris,

      Ik heb er naar zitten zoeken, maar ik kan geen aanknopingspunt vinden aangaande dit rare fenomeen. Dat het een verlaat model is lijkt me onwaarschijnlijk, aangezien de auto wel veel modernere aspecten heeft als 12 volt en zo. Ik denk dat de auto ook dan in 6 volt zou zijn uitgevoerd. Eigenlijk zou ik de auto beter moeten bestuderen en een achter scherm ervan af moeten draaien om te kijken of er aan het achterpantser is gelast. Misschien is het mogelijk dat de export id nog een jaar korte schermen heeft gehad. Onwaarschijnlijk, maar je weet het nooit.

      Daniel

  2. Roel Kroneman schreef:

    Ik heb gisteren in deze wagen gereden. Erg bijzonder ding inderdaad. Een paar kilo roest heb ik niet gezien overigens. Wat zou er in jouw idee aan gefatsoeneerd moeten worden? Ik denk er zeer serieus over hem te kopen namelijk en jij lijkt er nogal verstand van te hebben.

Reacties zijn gesloten.